Tabel tot de Nederlandse Cladonia soortenTekst: André Aptroot 2002
(met dank aan Kok van Herk, Han van Dobben, Joop Kortselius en Laurens Sparrius voor commentaren op het concept) Dit bestaat uit 3 delen: een hoofdtabel (A), één voor blaadjes (B) en een chemische (C) Tabel A: struikvormige grondbewoners en andere Cladonia'smet niet alleen grondthallus maar ook bekers of staafjes
Noot: aanduidingen van ecologie en verspreiding zijn niet 100% volledig; allerlei soorten kunnen bij wijze van uitzondering op bomen of steen ofzo aangetroffen worden. Als van een soort is aangegeven dat hij vrij zeldzaam is, betekent dat niet dat hij niet plaatselijk algemeen kan zijn, het duidt meer op de ruimtelijke verspreiding over het hele land.
Aangegeven is de geaccepteerde naam, en de meest gebruikte synoniemen, en soms veel gemaakte fouten
1a Thallus helemaal zonder schubjes, hol of gevuld, struikvormig ... 2 1b Thallus met schubjes (soms schaars), hol, al dan niet struikvormig, vaak staafvormig of bekervormig ... Cladonia, 12
2a Thallus glanzend bruin tot zwart, vaak onderaan rood, niet hol maar gevuld met los merg ... 3 2b Thallus grijs tot groengrijs, meestal hol ... 5
3a Thallus met hoofdtakken en zijtakjes. Zeer zeldzaam op de grond, alleen op de waddeneilanden (Terschelling, Vlieland) op de grond groeiend ... Bryoria fuscescens (= Alectoria jubata, A. fuscescens) 3b Thallus met geleidelijk dunner wordende takken ... Cetraria 4
4a Thallus zeer plat, gewoonlijk meer dan 2 mm breed. Zeer zeldzaam geworden, alleen in het binnenland (Drouwenerzand, Kamperzand, Lemelerberg, De Haere, Budelerbergen ... Cetraria islandica 4b Thallus onregelmatig ovaal op doorsnede, smaller. Algemeen ... Cetraria aculeata (= Cornicularia, Coelocaulon aculeatum; inclusief C. muricata, wat geen aparte soort is, maar wat gedrongen vormen van voedselarme standplaatsen zijn)
5a Thallus niet hol, merg los of strengachtig en taai ... 6 5b Thallus hol, zonder merg ... 8
6a Thallus deels rond, met glasachtig hard merg ... Stereocaulon 7 6b Thallus plat, met los merg. Epifyten die af en toe op de grond voorkomen, het meest in duinen ... Evernia prunastri, Ramalina farinacea en Pseudevernia furfuracea
7a Thallus met vilt, dikker dan 1 mm. Zeer zeldzaam geworden, alleen op stuifzanden in het binnenland (Bergerheide, Gastelsche Heide) ... Stereocaulon saxatile 7b Thallus zonder vilt, dunner dan 1 mm. Vrij zeldzaam, maar plaatselijk algemeen op stuifzanden in het binnenland ... Stereocaulon condensatum
8a Thallus vaak wat opgeblazen, steeds vorksgewijs in tweeën vertakt ... Cladonia, 9 8b Thallus niet opgeblazen, vooral in 3-en en 4-en vertakt ... Cladina, 10
9a Thallus groengrijs, vaak sterk opgeblazen. Vrij algemeen in stuifzanden en heides in het binnenland, ook in de duinen, weinig in Brabant ... Cladonia uncialis (inclusief ssp. biuncialis) 9b Thallus heldergrijs, minder opgeblazen, als een hertengewei. Vrij zeldzaam in stuifzanden, zeldzaam in de duinen. ... Cladonia zopfii (= C. destricta)
10a Topjes van de takken naar één kant omgebogen, zodat je niet in de centrale holte kan kijken ... 11 10b Topjes meest alle kanten op staand rond open `oksels'. Algemeen in heides en stuifzanden en duingebieden in het hele land; veruit het algemeenste rendiermos ... Cladina portentosa (= Cladonia portentosa, impexa) 11a Hoofdtakken vrij glad en dun, topjes zeer fijn en donker, parallel staand en vaak zwart. Algemeen in de kalkrijke duinen en daar vaak meer dan de volgende soort; in heides in het binnenland zeldzaam geworden ... Cladina ciliata (= Cladina, Cladonia tenuis) 11a Hoofdtakken vaak bobbelig en forser, meestal opvallend heldergrijs vergeleken met de andere rendiermossen, topjes minder fijn en vaak grijs of bruinig. Vrij algemeen in heides, stuifzanden en duingebieden in het hele land ... Cladina arbuscula (= Cladonia, Cladina sylvatica, inclusief C. mitis, die alleen chemisch afwijkt en dezelfde verspreiding heeft)
12a Rechtopstaande delen duidelijk breed bekervormig; beker meer dan 2 maal zo breed als de steel ... 13 12b Rechtopstaande delen staafvormig of vertakt, niet bekervormig, maar eventueel soms eindigend in een smalle beker (bij twijfel eerst naar 13) ... 29
13a Bekers allemaal onregelmatig van vorm, als gescheurd, of geheel gevuld met apotheciën, merg wasachtig, thalluskleur wat gelig, vooral indien vochtig; zeer variabel van aspect. Zeer algemeen op allerlei substraten ... Cladonia ramulosa (= C. pityrea, C. anomaea) 13b Bekers regelmatiger van vorm, merg steviger ... 14
14a Bekers glad of met platte schubjes, niet korrelig ... 15 14b Bekers korrelig tot stoffig soredieus ... 21
15a Bekers afgesloten door een vlies, van binnen glad ... 16 15b Bekers diep, niet afgesloten door een vlies, van binnen met platte schubjes ... 18
16a Bekers en thallus P+ oranje, niet heldergrijs ... 17 16b Bekers en thallus P+ geel, heldergrijs, blaadjes onderaan gewoonlijk zwart. Vrij zeldzaam in stuifzanden; een enkele keer in ontkalkte binnenduinen (Terschelling) … Cladonia (cervicornis ssp.) pulvinata (= C. rappii)
17a Veel blaadjes aan de voet van de bekers en op de grond, deze diep ingesneden en de lobben langer dan breed, en deels met ronde oksels . Vrij algemeen in stuifzanden, ook in ontkalkte binnenduinen ... Cladonia cervicornis s.s. 17b Vaak weinig blaadjes aan de voet van de bekers, lobben ongeveer even breed als lang en weinig ingesneden en zonder ronde oksels; als deze soort samengroeit met de vorige, dan is de kleur minder groen. Vrij zeldzaam in stuifzanden in het binnenland ... Cladonia (cervicornis ssp.) verticillata
18a Bekers zonder een tint bruin, apotheciën en pycnidien rood of zwart (maar niet altijd aanwezig), blaadjes aan de onderzijde aan de voet vaak geel. Zeldzaam in stuifzanden in het binnenland ... Cladonia borealis 18b Bekers groen tot grijs, maar altijd met een tint bruin, apotheciën en pycnidien bruin of zwart (maar niet altijd aanwezig), blaadjes aan de onderzijde zonder geel aan de voet ... 19
19a Grondschubben (bijna) afwezig, bekers meestal spruitend. Zeer zeldzaam in het binnenland, vooral op bemoste stenen, o.a. bekend van Nijkerk en Den Treek ... Cladonia pyxidata (deze naam is meestal voor andere soorten gebruikt; in de duinen voor C. pocillum, in heideterreinen voor C. grayi en in stuifzanden ook voor C. monomorpha) 19b Grondschubben dominant ... 20
20a Grondschubben in het midden van een polletje gewoonlijk vergroeid, aan de rand opstijgend en berijpt. Algemeen in de duinen en in Zuid-Limburg, verder in het binnenland hier en daar op muren en bij Budel op zinkslakken. ... Cladonia pocillum (inclusief alle opgaven van C. pyxidata uit de duinen) 20b Grondschubben in het midden niet vergroeid, overal opstijgend, vaak bol. Zeldzaam, alleen op stuifzanden in het binnenland ... Cladonia monomorpha (inclusief vele opgaven van C. pyxidata van stuifzanden; opgaven van heidegebieden slaan gewoonlijk op C. grayi)
21a Bekers met aan de voet een matje van grove blaadjes, deze groter dan 2 mm, weinig of geen blaadjes langs de beker ... 22 21b Veel minder, vaak kleinere blaadjes aan de voet, die ook langs de beker staan ... 27
22a Bekers groen tot grijs, maar altijd met een tint bruin, apotheciën en pycnidien bruin of zwart (maar niet altijd aanwezig) ... 23 22b Bekers zonder bruine tint, apotheciën en pycnidien rood of zwart (maar niet altijd aanwezig), blaadjes aan de onderzijde aan de voet vaak geel ... 24
23a Grondschubben in het midden vergroeid, aan de rand opstijgend, relatief dik, rand wat berijpt, weinig ingesneden. Vooral op bomen en muren, ook op humeuze grond; door het voorkomen op wegbomen in (ook) kleistreken de algemeenste Cladonia van Nederland ... Cladonia fimbriata (opgaven van heideterreinen slaan meestal op C. grayi) 23b Grondschubben in het midden niet vergroeid, overal opstijgend, dun, diep ingesneden, opvallend wit aan de onderkant. Algemeen, vooral veel in de duinen; ook op steilkantjes in het binnenland en zelfs op dijken e.d. ... Cladonia humilis (= C. conistea, C. conoidea, inclusief C. conista, die alleen chemisch verschilt)
24a Bekers vrij regelmatig, vrij grofkorrelig, blaadjes grijsgroen tot donkergroen aan de bovenzijde, onregelmatig ingesneden, zonder soredieuze rand. Algemeen in heideterreinen en stuifzanden in het binnenland; hier en daar in de duinen ... Cladonia coccifera (= C. diversa, inclusief Nederlandse opgaven van C. pleurota) 24b Bekers onregelmatig, fijn stoffig, blaadjes helder grijsgroen, fijn ingesneden of met soredieuze randen ... 25
25a Bekers helder geelgroen, lang (diverse centimeters) en smal. Op rottende boomstronken, efemeer; zeer zeldzaam en mogelijk verdwenen; in de negentiger jaren nog bij Soest, Hulshorst en Driebergen ... Cladonia sulphurina (= C. gonecha, inclusief de meeste oude opgaven van C. deformis) 25b Bekers grijsgroen tot heldergrijs ... 26
26a Blaadjes diep ingesneden, zonder soredieuze rand. Op rottend hout, boomvoeten en hunebedden; vrij zeldzaam, het meest in het binnenland. ... Cladonia polydactyla 26b Blaadjes weinig ingesneden, met soredieuze randen. Op rottend hout, boomvoeten en hunebedden: vrij zeldzaam, het meest in het binnenland ... Cladonia digitata
27a Bekers korrelig soredieus, met blaadjes langs de steel. Algemeen, vooral op zure humeuze grond; één van de algemeenste soorten in heides ... Cladonia grayi (inclusief C. merochlorophaea en C. cryptochlorophaea en varieteiten; de meeste opgaven van C. chlorophaea, C. pyxidata en C. fimbriata uit heideterreinen en stuifzanden slaan op deze soort) 27b Bekers fijnmelig soredieus ... 28
28a Bekers met veel blaadjes langs de steel. Algemeen, vooral op bomen en dood hout; zelden op humeuze grond ... Cladonia chlorophaea (vrijwel alle opgaven uit heideterreinen en stuifzanden betreffen C. grayi) 28b Steel met weinig, wat grove blaadjes. Ecologie zie 44b ... Cladonia subulata
29a Thallus glad tot schubbig, maar zonder fijnmelige of grovere korrels ... 30 29b Thallus stoffig of met grovere sorediën ... 36
30a Thallus practisch onvertakt, gedeeltelijk zonder schors, vaak in de lengte gescheurd, altijd eindigend in apotheciën. zeldzame soorten (althans fertiel) ... 31 30b Thallus meestal vertakt; indien overtakt priemvormig ... 33
31a Thallus K+geel, P-, blaadjes fors, zoden vormend. Zeer zeldzaam, op open, zilte, zandige grond (Terschelling, Vliegveld Soesterberg, Vliegveld Deelen, Bemelerberg) … Cladonia cariosa 31b Thallus K- ... 32
32a Thallus P-, UV+wit, blaadjes altijd deels afgebroken en losliggend, opvallend wit van onderen. Vrij zeldzaam, in het binneland op lemige grond, vaak op steilkantjes of paadjes ... Cladonia callosa (= C. fragilissima) 32b Thallus P+rood, UV-. Zeer zeldzaam, op de grond op de Bemelerberg ... Cladonia peziziformis
33a Thallus onvertakt tot weinig vertakt en dan met een duidelijke hoofdas en dan bruin en glanzend. Vrij algemeen in heides, stuifzanden en ontkalkte duinen ... Cladonia gracilis 33b Thallus sterk (zeker vijf keer) vertakt, gemarmerd gevlekt of niet ... 34
34a Thallus bruin, met open oksels aan de toppen, die omringd zijn door stervormig uitstaande takken, P-, K-. Vrij algemeen in stuifzanden, minder in heideterreinen en zeldzaam in de duinen ... Cladonia crispata (inclusief var. cetrariiformis) 34b Thallus bruin tot groengrijs, vaak gemarmerd, zonder open oksels, soms wel gescheurd als er apotheciën zijn ... 35
35a Thallus P-, K+geel, steeds regelmatig in tweeën vertakt, blaadjes vooral aan de voet. Zeer algemeen in de duinen, in het binnenland zeldzaam, alleen op plaatsen waar kalkrijk zand is aangevoerd (langs snelwegen, op zandafgravingen) ... Cladonia rangiformis 35b Thallus P+rood, K- (meestal), onregelmatig vertakt, meestal met relatief weinig, verspreide blaadjes. Algemeen in de duinen en in het binnenland, vaak op iets verstoorde plaatsen, veel langs paadjes in de heide ... Cladonia furcata (inclusief var. subrangiformis, maar exclusief var. scabriuscula)
36a Thallus bijna helemaal bedekt door fijn ingesneden blaadjes en/of met grovere korrels ... 37 36b Thallus deels fijnmelig soredieus ... 42
37a Thallus sterk (zeker vijf keer) vertakt, gemarmerd gevlekt. Algemeen in de duinen en in het binnenland, vaak op verstoorde plaatsen, langs paden en zelfs (snel)wegen …Cladonia scabriuscula (= C. furcata var./ssp. scabriuscula) 37b Thallus minder of niet vertakt ... 38
38a Thallus grofkorrelig soredieus, zonder tint bruin, apotheciën en pycnidien rood of zwart (niet altijd aanwezig), blaadjes aan de onderkant vaak gedeeltelijk geel ... 39 38b Thallus altijd met een tint bruin, vaak met zeer veel blaadjes, apotheciën en pycnidien bruin of zwart (niet altijd aanwezig), blaadjes aan de onderkant zonder geel aan de voet ... 40
39a Thallus UV-, meestal niet gelig. Algemeen, vooral op humeuze plekken in de heide en op dood hout, maar ook op andere substraten (steen, kaal zand), zowel in de duinen als in het binnenland ... Cladonia floerkeana 39b Thallus UV+, wat gelig. Zeer zeldzaam (althans zelden opgegeven), op dood hout, o.a. van de Wodanseiken ... Cladonia berghsonii
40a Merg wasachtig, thallus gelig, vooral indien vochtig, thallus P+ rood, UV-. Ecologie zie 26a ... Cladonia ramulosa 40b Merg stevig, thallus P-, UV+ wit ... 41
41a Thallus onregelmatig vertakt, met vrij weinig blaadjes, waarvan de grootste groter dan 1 mm. Zeer zeldzaam geworden, nu alleen nog op rottend hout (Soest, Baarn, Hoge Veluwe, Wodanseiken) ... Cladonia squamosa (recente opgaven van heideterreinen betreffen C. glauca) 41b Thallus meestal weinig vertakt, bijna geheel bedekt met blaadjes, waarvan de grootste kleiner dan 1 mm zijn. Algemeen, vooral in de duinen, stuifzanden en op dood hout en boomvoeten ... Cladonia glauca (veel opgaven van heideterreinen betreffen grijze exemplaren van C. macilenta zonder apotheciën; C. glauca is, ondanks de naam, niet grijs, maar veeleer bruin)
42a Thallus lang priemvormig tot geweivormig, gewoonlijk boven de omringende soorten uitstekend, met weinig, maar relatief grote (tot over 1 mm) blaadjes langs de priem, apotheciën en pycnidien bruin of zwart (maar niet altijd aanwezig) ... 43 42b Thallus priemvormig tot staafvormig of onregelmatig, met veel kleine blaadjes of met weinig, grotere, blaadjes, maar dan de blaadjes alleen onderaan, niet langs de priem, apotheciën en pycnidien, rood, bruin of zwart (maar niet altijd aanwezig) ... 45
43a Thallus bovenaan soredieus, onderaan glad, daartussen een mozaïek. Zeer zeldzaam, alleen nog in uitgeloogde duinen, in het binnenland verdwenen ... Cladonia cornuta 43b Thallus over de hele lengte even soredieus ... 44
44a Thallus UV+ wit. Vrij algemeen, gewoonlijk op de grond op wat ruderale plekken en langs (snel)wegen in het hele land. ... Cladonia rei (= C. nemoxyna) 44b Thallus UV-. Algemeen op zure, al dan niet humeuze grond en rottend hout in het hele land ... Cladonia subulata (= C. cornutoradiata)
45a Podetien zeer onregelmatig, thallus gelig, UV+wit. Vrij zeldzaam, maar plaatselijk algemeen (bijvoorbeeld op de Utrechtse Heuvelrug en in hoogveengebieden), op humeuze walletjes, turfkantjes, rottend hout (vooral naaldhout) en boomvoeten … Cladonia incrassata 45b Podetien staaf- tot priemvormig, thallus niet zo gelig, UV- ... 46
46a Thallus met veel fijne blaadjes langs de priem, apotheciën en pycnidien rood of zwart (niet altijd aanwezig), onderkant van de blaadjes vaak gedeeltelijk geel. Zeer algemeen in het hele land in allerlei milieus, zowel op humeuze als zandige grond, bomen, steen en rottend hout; massaal op de grond in geplagde heide en op boomstronken … Cladonia macilenta (inclusief C. bacillaris, wat een chemische variant is)
46b Thallus met weinig, grotere, blaadjes, maar deze blaadjes alleen onderaan, niet langs de priem, apotheciën bruin of zwart (niet altijd aanwezig), onderkant van de blaadjes zonder geel. Algemeen in het hele land, vooral op zure boomschors en rottend hout … Cladonia coniocraea (inclusief C. ochrochlora)
|